Brazo Sudoeste is veel meer dan ik er van verwacht had. Prachtige bergen met besneeuwde toppen, mooie Estero’s waar we doorheen varen en natuurlijk de gletsjers. We proberen alles zo goed mogelijk in ons op te nemen, maar ik geloof niet dat dat mogelijk is. Estero Foque varen we helemaal in tot het einde. Bijna tien mijl loopt deze inham naar binnen. Halverwege komen we langs een watertide glacier, oftewel een gletsjer die tot aan het water loopt. En helemaal achterin de baai ankeren we voor de nacht tussen hoge steile bergen en met uitzicht op verschillende gletsjers. Wat een droomplek.
Jaap wil hier nog wel een dagje blijven liggen, maar het weer gaat veranderen. Er komt wind en dan schijnt deze plek niet zo geschikt te zijn. Tja en dan word ik een beetje zenuwachtig. Dus gaan we toch maar weer terug op zoek naar een beter beschutte ankerplek. Van wind en een lagedrukgebied is echter niets te merken als we de estero weer uit varen. De lucht is strak blauw en de zon schijnt de hele dag. De barometer zakt uiteindelijk van 1022 naar 1017 in de avond. Terug in het kanaal speelt de wind met ons. Af en toe kunnen we zeilen, maar net zo vaak zetten we de motor weer bij. Aan het einde van de dag zitten we voor het eerst sinds een half jaar weer eens in de kuip met ons aankomst-biertje. En dat zonder jas. We voelen ons de koning te rijk. Wat is dit lekker zo uit de wind en in de zon. Jaap legt de temperatuurmeter naast zich neer en deze loopt uiteindelijk op naar 31 graden. Gewoon te warm. Maar zodra de zon achter de berg duikt daalt de temperatuur binnen een paar minuten ook gewoon weer naar 4 graden. Het was een heerlijk warm moment en het is duidelijk dat het voorjaar erg zijn best doet.
Ook vandaag, 27 september, varen we door. Het moet een prachtige dag worden, met een noordwesterwind. Veel zeilen dus! Maar ook vandaag is het weer niet zoals voorspeld. De wind komt recht van voren in plaats van de voorspelde bakstagwind. Dus moteren we tegen de wind in. Jaap is er chagerijnig van en gaat maar verder klussen aan de deuren. Deze moeten nog van sloten voorzien worden, zodat we ook in Ushuaia straks de boot met een gerust hart achter kunnen laten.
De Armada hebben we gemeld waar we vandaag gaan ankeren. Maar als we er bijna zijn trekt de wind aan. Vanuit het noordwesten met uiteindelijk zo’n dertig knopen. Als we er bijna zijn gaat het na een dikke week weer eens echt waaien. Sorry heren van de kustwacht, we gaan nog even een stukje zeilen. Met af en toe 7,5 knopen op de teller gaan we door het Beagle Kanaal en krijgen we langzamerhand weer een glimlach op ons gezicht en voelt Puerto Williams opeens ook heel dichtbij.
Heel langzaam merken we ook dat we weer een beetje in de buurt van de bewoonde wereld komen. Naast de Armada controle posten, die her en der langs de route staan zien we ook een aantal Estancia’s en schuin voor ons een rare toren op een landtong. Maar als ik een kwartiertje later nog eens kijk zie ik ook huizen staan. “Jaap? Is dat Ushuaia?” Jep is het antwoord. “Maar goed dat we eerst naar Puerto Williams gaan hè?”zegt ie. “Deze overgang zou voor ons iets te groot zijn.” En dat klopt.
Maar Ushuaia is wel de stad waar we straks ons bezoek gaan oppikken en waar we hopelijk begin volgend jaar ook Janke weer gaan ontmoeten als zij met de Bark Europa vanauit Ushuaia naar Antartica gaat varen. We kijken er nu al naar uit. Voor nu ankeren we in een baaitje aan de Chileense kant van dit kanaal. Met nog een dikke twintig mijlen naar Puerto Williams is de wind volledig weg gevallen. Vanavond hebben we uitzicht op de lichten van Ushuaia. En morgen? Morgen gaan we voor een aankomst in de meest zuidelijke permanent bewoonde plaats van de wereld, Puerto Williams. Ik kijk er naar uit. Daar aankomen en ontdekken hoe het leven in de meest zuidelijke jachthaven zal zijn.